Leerkracht Roy Schaaper

‘Communiceren, samenwerken, rekening houden met elkaars cultuur en achtergrond en probleem-oplossend denken, dat zijn voor mij 21st Century Skills’

Roy Schaaper (40) is leerkracht in groep 7 en ICT-coördinator op oecumenische basisschool Visser ’t Hooft in Castricum. Hij is ongeveer 15 jaar werkzaam in het onderwijs en is al die tijd aan dezelfde school werkzaam geweest. Inmiddels maakt hij ook deel uit van het managementteam. Roy is vader van twee zoontjes van acht en vijf jaar. Hij is erg geïnteresseerd in ICT. Niet alleen op school, ook in zijn vrije tijd is hij vaak bezig met gamen en ‘stoeien met ICT-technologie’, naast hobby’s als tekenen en bier brouwen.

roy 1In zijn klas wil Roy de leerlingen de nodige ICT-vaardigheden bijbrengen. Hij is ook altijd op zoek naar manieren om de lessen net even anders aan te pakken. Die zoektocht is verder gegaan: met het team is Roy aan de slag gegaan om een andere manier van onderwijs te gaan bieden. Daarin wordt volop een beroep gedaan op 21st Century Skills. Ook op deze jonge leeftijd is het nuttig en nodig om kinderen die aan te leren, vindt Roy.

Wat zijn voor jou 21st Century Skills?
“Communiceren, samenwerken, rekening houden met elkaars cultuur en achtergrond en probleem-oplossend denken, dat zijn voor mij belangrijke 21st Century Skills. Omdat iedereen verschillend is, geeft ook iedereen een andere invulling aan deze vaardigheden. Dat heeft denk ik vooral met de eigen talenten, interesses en leervoorkeur te maken. Ik denk dat iedereen die vaardigheden ook al wel heeft maar ze zijn niet bij iedereen even doorontwikkeld. Het is de taak van de scholen en de ouders om de kinderen hierin te begeleiden. De kunst is om uit te gaan van de sterke punten van een leerling en daarop aan te sluiten en deze leerling op deze manier zijn talent verder te laten ontwikkelen en daarbij te verleiden en te begeleiden naar een vaardigheid die nog meer ontwikkeld zou kunnen worden. Als een kind bijvoorbeeld goed is in sport maar misschien nog wat moeite heeft met communiceren, zou je het kind kunnen uitdagen om een bewegingsactiviteit met een leeftijdsgenoot of groepje leeftijdsgenoten voor te bereiden en uit te voeren.
Wij stomen kinderen klaar voor beroepen die er nu nog niet zijn. Dat is niet nieuw, dat is altijd zo geweest, alleen is er nu meer besef dat we rekening moeten houden met welke vaardigheden de kinderen in de toekomst nodig hebben.”

Wat zijn de 21st Century Skills die jij zelf hebt en hoe helpen ze jou?
“Ik ben vooral sterk op het gebied van probleemoplossend vermogen, kritisch denken, creativiteit en samenwerking. Oh ja, en ICT-geletterdheid. Ik denk dat in het hele dagelijks leven – werk of vrije tijd –  een beroep wordt gedaan op deze vaardigheden. Zo is mijn vrije tijd vooral gericht op zaken waar ik meer creativiteit of ICT-vaardigheden aanspreek. Tekenen vind ik bijvoorbeeld leuk om te doen. Als ik iets wil uitzoeken, oplossen of aanpakken, gebruik ik vooral deze skills om tot een oplossing te komen. Maar bijvoorbeeld ‘communiceren’ – ook een heel belangrijke 21st Century Skill – die gebruik ik haast niet. Als ik ergens niet uitkom, is dat mijn laatste redmiddel.
Op het werk hetzelfde beeld. Zo vind ik het leuk om lessen toch anders aan te pakken dan ze in een methodeboek worden aangeboden en besteed ik daar graag (extra) tijd aan. Hetzelfde geldt voor ICT-geletterdheid. Het communiceren is daar ook weer lastiger. Vandaar dat ik wel inzie dat juist het ontwikkelen van álle vaardigheden heel belangrijk is.”

Zie jij meer of andere 21e-eeuw-vaardigheden bij jouw eigen kinderen en hoe begeleid je hen daarin?
“Als ik naar mijn eigen kinderen kijk, zie ik in de eerste plaats een groot verschil in aanleg en interesse. Mijn jongste zoon is vooral bezig met sociale en culturele verschillen en gebruikt ook meer rollenspel. Mijn oudste zoon wil vooral weten hoe iets werkt en waarom. Hij is ook erg bezig met constructies en puzzelen. Wat ze allebei hebben, is een grote liefde voor technologie en computers. Zij kunnen zich geen leven zonder voorstellen en maken hier veel natuurlijker gebruik van dan wij en ze zijn beide erg creatief (knutselen, tekenen, etc.). Deze vaardigheden stimuleren we graag, maar ook bijvoorbeeld beweging, iets waar ze allebei van nature wat minder interesse voor hebben.”

Past het aanbieden van 21st Century Skills in het huidige onderwijsstelsel?
“Om te werken aan de 21st Century Skills is een vakoverstijgende aanpak nodig. Het primair onderwijs kan daarin denk ik makkelijker een aanpassing maken dan het voortgezet onderwijs. Daar zitten ze meer vast aan vakdocenten. Taal en rekenen blijven als aparte vakken aangeboden worden, dat is belangrijk, maar moeten daarna direct in de praktijk gebracht worden in andere vakken. Dat kan door de wereldoriëntatievakken geïntegreerd aan te bieden: aardrijkskunde, geschiedenis, sociale redzaamheid, verkeer, burgerzin, allemaal bij elkaar.
Met name voor aanvankelijk lezen en spellen moet nog veel tijd genomen blijven worden. Dat is een goede basis voor begrijpend lezen en rekenen en studievaardigheden. Begrijpen van informatie is het belangrijkst en dat onderschatten veel ouders ook. Studievaardigheden komen veel meer naar voren dan in hun eigen schooltijd.
Het beoordelen van informatie moet ook aangeleerd worden in het primair onderwijs. Zo werken wij ieder jaar met de hoogste groepen voor het diploma ‘veilig internet’. Daarbij leren de kinderen welke informatie ze kunnen gebruiken. Bijvoorbeeld van Wikipedia, maar we proberen ook boeken erbij te pakken. We gaan nog ieder jaar een keer naar de bibliotheek, al heeft ook die natuurlijk een hele verandering ondergaan.”

Op jouw school is er veel veranderd de laatste jaren. Hoe hebben jullie dat aangepakt?
“Wij waren altijd een redelijk prestatiegerichte school met frontaal, klassikaal onderwijs en één of twee computers in de klas. Een jaar of vijf, zes geleden merkten wij in het team dat we zo niet door konden gaan; we bereikten niet ieder kind. We stelden onszelf de vraag ‘hoe kunnen we de leerstof aanbieden op een manier die dat wel doet en ook werkbaar is voor leerkrachten’. In die tijd kwamen ook de 21st Century Skills in de belangstelling. We zijn gaan brainstormen over een goede visie, met de hulp van een plaatselijk reclamebureau. Zij hebben uit onze brainstormsessies samengevat dat we uitdagend onderwijs wilden aanbieden, waarbij het voor de kinderen duidelijk is waarvoor ze het doen. Eén van de pijlers is ondernemend onderwijs: we werken toe naar een bepaald eindproduct. Ik ben een studie ‘leren en innoveren’ gaan volgen, zodat ik het voortouw kon nemen in hoe we onze ideeën vorm konden geven. Het vraagt nogal wat van de leerkrachten en we wilden het team de veiligheid geven dat ze niet zouden gaan falen.”

Wat is het resultaat?
“In de methode topondernemers hebben wij het leerpakket gevonden dat bij onze school en visie past. De methode gaat ervan uit dat kinderen zelf een vorm en eindproduct kiezen en begeleid worden dat te halen. Dat doen ze op verschillende manieren met gebruik van verschillende materialen en bronnen en door samen te werken in duo’s of groepjes en soms ook alleen.roy 3 ’s Morgens werken we in de klas ‘gewoon’ aan vakken als taal en rekenen en topondernemers komt elke middag terug. Het pakket begint vanaf groep 5.
Wij kijken ook naar de eerste groepen. De grootste winst is te behalen door het productonderwijs te stroomlijnen vanaf de kleuters tot groep 5-6. Wij zijn aan het inventariseren wat we van kleuters verwachten, ook op die leeftijd willen we ze al uitlokken om te leren.
Wij willen dat ieder kind zich zoveel mogelijk volgens zijn eigen individuele mogelijkheden kan ontwikkelen en daarop beoordeeld wordt. Dat kan niet altijd, met klassen variërend van 24 tot 36 kinderen. Maar deze methode helpt daar wel bij. Belangrijk is ook om te zien hoe kinderen zelf vooruit zijn gegaan. Zij hebben een portfolio, die kunnen ouders ook online inzien.”

Is het moeilijk geweest om die nieuwe werkvorm in te voeren op school? Stonden bijvoorbeeld de directie en het bestuur erachter?
“Wij vallen onder een redelijk groot schoolbestuur, Tabijn. Dat staat open voor nieuwe onderwijsvormen. Bij het kiezen van onze directeur was het team via de sollicitatiecommissie nauw betrokken, zodat we goed konden kijken wie er bij onze school zou passen. Het was natuurlijk belangrijk om iemand te vinden die open stond voor onze ideeën.
We blijven heel erg bezig om het naar het bestuur toe goed vorm te geven. We hebben een heel actief team daarin. Ik ben lid van het managementteam, maar ik voel me echt leerkracht en geen directielid. De kunst is om de eisen van de stichting en de directie en onze ideeën als team op elkaar af te stemmen.”

Is deze nieuwe vorm van onderwijzen voor iedere leerkracht en leerling weggelegd?
“Het is voor leerkrachten anders. De alwetende leerkracht is er niet meer, maar die is ook niet meer nodig. Net als we de kinderen willen aanspreken op hun eigen talenten, willen we dat ook bij collega’s. Het vraagt wel heel veel van collega’s. Zij hikken ertegenaan dat iets nieuws doen vaak heel veel tijd kost. Dat is ook zo, bovenop de grote taakbelasting die er al is. Soms moet het zelfs in je vrije tijd. We proberen het goed te vervatten in het taakurenbeleid, maar dat is het grootste punt.
Wij hebben een hard werkend team, relatief wat ouder maar wel in voor iets nieuws, al vinden ze dat soms wel eng. Bijvoorbeeld om met tablets te gaan werken. Je had ooit het digitaal rijbewijs, dat hebben we allemaal gehaald, maar nu wordt er iets heel anders van je verwacht. Via de stichting is er een korte cursus voor leerkrachten om mee te kunnen gaan met de nieuwe technologieën. Voor tablets zijn er nog redelijk weinig geschikte cursussen. Daar zit wel een gat in de markt: een training in hoe tablets op school in te voeren, zowel voor leerlingen en leerkrachten als voor ouders. We moeten durven ook gebruik te maken van de kennis die kinderen al hebben.
Het opleidingsniveau van leerkrachten hoeft niet hoger te worden, maar de opleiding zou wel gevarieerder moeten worden. Ik merk aan stagiaires dat het op de Pabo ook al die kant opgaat. Zij bieden veel meer combinaties van vakken aan en krijgen opdrachten om een ondernemende activiteit uit te voeren.
Als leerkracht word je blij van lesgeven op deze manier. Je ziet dat de kinderen meer betrokken zijn, ze komen met meer zin naar school en vragen of ze er ook thuis aan mogen werken.
Of alle kinderen het leren op deze manier aankunnen? Ja! Met name omdat het uitgaat van hun eigen capaciteiten. Wij willen als school dat kinderen hun eigen werkdoelen vaststellen. Als leerkracht bieden we hetzelfde huiswerk op een andere manier aan, zodat ze het leuk vinden om te doen. Met een doel voor ogen dat aansluit op hun belevingswereld werken ze wel graag. Kinderen moeten wel vaak samenwerken, dat vinden sommige kinderen wat moeilijker. Je kunt ze een specifieke rol geven, dat helpt wel. We doen binnen de school aan talentonwikkeling en hebben ook de BSO binnen de school gehaald. Zo kunnen we een doorgaande leerlijn aanbieden.”

En de ouders?
De meeste ouders verwachten al dat we onderwijs op deze wijze aanbieden. Meestal kunnen ouders de kinderen wel begeleiden en anders komen ze ons wel om hulp vragen. Er zijn ook ouders die er totaal geen interesse in hebben en die we moeilijk kunnen bereiken. We communiceren via de digitale weg: via e-mail en de website. Maar we bereiken 10% niet. Soms komen ouders te laat bij ons melden dat ze zo dingen missen. De uitdaging voor ons is hoe we ook die kunnen bereiken.”

Merk je dat de kinderen ook buiten school en na hun schooltijd op jullie school profijt hebben van deze manier van werken?
“Heel veel, juist buiten school moeten ze ook vaak oplossingen zoeken om een doel te bereiken. Iedereen heeft eigenlijk al 21st Century Skills en gebruikt ze. De scholen moeten er klaar voor zijn om dat verder te begeleiden. Als je dat niet goed doet, krijg je tunnelvisie in mensen. Dan richten ze zich alleen op die vaardigheden waar ze van nature sterk in zijn.
We krijgen van het voortgezet onderwijs te horen dat de kinderen die bij ons vandaan komen geleerd hebben om zich te presenteren en staande te houden.“

roy 2Welke technologie gebruiken jullie om dit allemaal te doen?
“Wij hebben de keuze gemaakt voor handheld devices. Kinderen moeten hun producten erop kunnen zetten en onze methoden moeten erop werken. Ik heb de kinderen in mijn klas eerst hun eigen devices laten meenemen; ipods, smartphones, tablets. We kwamen er al heel snel achter dat er heel veel dingen niet mee kunnen. We zijn eerst gaan sparen voor digitale schoolborden en toen verder gaan denken over wat er nog meer nodig was. Het ICT lokaal dat we hadden, was ook niet meer van deze tijd. Nog niet zo lang geleden konden we na lang sparen eindelijk 60 tablets aanschaffen. Wij wilden de ouders dat niet zelf laten betalen. De tablets willen we schoolbreed inzetten. Ze gaan niet mee naar huis. Iedere leerling heeft een account. Zij kunnen hun werk zelf op hun onedrive zetten zodat ze er thuis ook mee verder kunnen. We proberen een social mediatool te vinden om dat ook goed vol te houden. Windows bleek het beste besturingssysteem, dat kan veel aan en daar hoeven niet veel extra’s bij. De volgende stap is een goed draadloos netwerk om die 60 tablets tegelijk te kunnen gebruiken. De wijze waarop we nu werken vereist dat kinderen een rustig plekje kunnen zoeken, dat vraagt dus ook om een andere inrichting van de school. We zijn nu de aula anders aan het inrichten.”

Hoe ziet de ideale school eruit?
“Dan droom ik van een school waar voor elke leerling een handheld device beschikbaar is dat mee naar huis mag. Kleinere klassen is echt heel belangrijk. Meer werkplekken, voldoende materiaal, een 3d printer bijvoorbeeld, maar ook op het gebied van muziek en creativiteit meer materialen. Het is een geldkwestie. Flipping the classroom ga ik met mijn groep 7 binnenkort proberen, dat lijkt me ideaal. Dan wil ik niet alleen instructie van mijzelf opnemen, maar ook de leerlingen dat zelf laten doen. Daarnaast moet er een team zijn dat het draagt; maar dat is geen droom, dat hebben wij.”

Wilt u meer weten over 21st century skills?

Neem dan contact met ons op: Telefoon: 033-4569853 E-mail: info@it-randsteden.nl Auteur: Ingrid Voet, TekstIng
© copyright: Op de teksten en foto's van de serie 21st Century Skills rust copyright. Niets mag op welke wijze dan ook worden overgenomen, verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt zonder toestemming van IT-Randsteden en de auteur.